Verhaal voor grote en kleine oren 

Toen mijn zoon Niklas 10 jaar oud was stelde hij me de volgende vraag:

“Papa, hoe groot is de hemel?”

Wow, dat is een moeilijke vraag, zei ik, ik heb geen idee. Dat weet alleen God. Maar, ik weet misschien wel hoe groot het heelal is!

“OK, hoe groot is het helaal?”

Heel groot. Laten we beginnen in onze eigen buurt. De maan is heel dichtbij, omdat alle anderen sterren veel verder weg staan. De afstand tussen Nederland en de maan is ongeveer 390.000 km.

Stel, dat je met je auto naar de maan toe kan gaan. Als je dat ooit zou willen doen, dan moet je 135 dagen rijden. Maar, dan mag je niet een keer stoppen om te rusten. Met een raket gaat het natuurlijk veel sneller. De astronauten hadden 40 jaar geleden maar 3 dagen nodig. En licht flitst binnen 1.3 seconden van de aarde naar de maan!

“Ooh, en de zon: kan ik daar ook naar toe?”, vroeg Niklas toen.

Naar de zon is het 150 miljoen kilometer. Met die auto zou je daar 140 jaar voor moeten rijden – zonder ooit te stoppen.

“Dat zou ik niet willen doen”, was zijn reactie

Heel verstanding, heb ik gezegd. Zelfs het licht heeft 8 minuten nodig, om van de zon naar die aarde te komen. Maar de sterren zijn nog veel verder weg.

“Hoezo?”, vroeg hij

Kijk, zei ik, elke ster is net zo’n zon als onze eigen zon. Sommige sterren zijn zelfs wel tienduizend keer helderder dan onze zon. Ze schijnen maar zwak, omdat ze zo ver weg zijn, maar in werkelijkheid zijn ze ontzettend helder! De dichtstbijzijnde ster – Proxima Centauri heet die – is 40 miljoen miljoen kilometer ver.

Zelfs met de snelste raket, die wij kunnen bouwen, heb je toch nog 75.000 jaar nodig om er naar to te gaan!

“Oeff, dat is te ver!” vond Niklas

Inderdaad, vertelde ik, dat is de reden, waarom wij afstanden niet meer in kilometers meten maar in lichtjaren. Als je op Proxima Centauri een grote lamp aanschakelt dan zou het toch nog meer dan vier jaren duren voordat wij het licht hier op aarde zouden kunnen waarnemen. Dus, wij zeggen nu in plaats van “40 miljoen miljoen kilometer” dat Proxima Centauri op een afstand van vier lichtjaar zit.

Dat had Niklas nooit geweten, dat het zo ver was en hij wilde toen ook graag weten hoe het met de andere sterren zat.

Ik heb hem uitgelegd dat je met je blote oog maar 3000 sterren ziet, maar in ons melkwegstelsel zijn er al meer dan 100 duizend miljoen sterren, en die staan gemiddeld op en afstand van ongeveer 30.000 lichtjaar van ons vandaan.

Niklas was helemaal onder de indruk : “is het helaal zo groot?”

Nee, hoor, er zijn nog andere melkwegstelsels in het helaal met net zo veel sterren. Een ervan is erg dichtbij: het Andromeda melkwegstelsel – dat is maar 2.5 miljoen lichtjaar ver. Maar andere zijn maar liefst miljarden lichtjaren ver weg. Zelfs met een raket kun je daar niet naar toe, met de snelste raket zou je langer moeten reizen, dan hoe oud het hele heelal is.

“Dit is echt groot! , was zijn reactie en zijn laatste vraag was toen: Papa, waarom heeft God het heelal zo verschrikkelijk groot gemaakt?”

Dat zou ik niet weten, heb ik hem geantwoord, maar misschien zou God ons willen laten zien, dat hij, die alles geschapen heeft, nog veel schitterender en groter is dan zelfs dit ongelooflijk grote heelal.

Heino Falcke, preek in Groesbeek, Februari 2010

Meer achtergrond informatie over grootheid en leeftijd van het heel heb ik hier opgeschreven: “Six thousand versus 14 billion: How large and how old is the universe?

Photo: strand van Scheveningen (H.F.)

Advertisements